ConCeption

Nieuws over de foodsector - over leiderschap - en over veranderprocessen

Terug

7 redenen waarom de foodsector verandert

Geplaatst op: dinsdag 28 juli 2015 19:21

De foodsector gaat drastisch veranderen. In de VS al volop zichtbaar. De crisis van de afgelopen jaren is niet zomaar een tijdelijke 'dip' in een patroon dat 'straks gewoon weer verder gaat'. De crisis is een deur naar een nieuwe werkelijkheid. We staan aan de vooravond van veranderingen in de foodsector die net zo ingrijpend zullen zijn als 50 jaar geleden de opkomst van de supermarkt: disruptie! De consument krijgt de regie in de keten en dat gaat het fenomeen 'blurring' (omni-channel gedrag van consument en aanbieder) verder versterken. Bedrijven moeten er wel aan mee doen. En de voorlopers trekken de kar, eerst in de VS, Canada en Engeland, daarna ook Nederland.

Wat zijn de achterliggende oorzaken van al die veranderingen? Dit zijn de zeven belangrijkste veranderkrachten achter die diseruptie.

  1. De macht in de foodketen komt bij de foodshopper te liggen; zijn smartphone is een dagelijks gebruiksartikel geworden. Dat stelt hem in staat om de regie te nemen. Hij geeft ook ongezouten zijn mening, met name over producten en diensten binnen food.
  2. Voedselschandalen versterken de roep om transparantie van grote en kleine spelers in de markt. Maatschappelijk verantwoord ondernemen wordt een randvoorwaarde. Grote bedrijven staan (vaak onterecht) in het verdachtenbankje en kleine bedrijven worden soms (overdreven) op het voetstuk gehesen.
  3. Het wereldvoedselvraagstuk begint stap voor stap door te dringen tot scholen en bevordert onbewust het koopgedrag van nieuwe generaties. Van foodbedrijven in Nederland wordt verwacht dat ze hun verantwoordelijkheid nemen.
  4. Met name jongere consumenten zullen bijna vanzelfsprekend hun levensstijl willen onderstrepen met hun consumptiegedrag. Food stijgt op hun interesseladder. Media spelen daar nu al handig op in. Deze jongeren beïnvloeden, mede door hun kundigheid met social media, ook de oudere generaties.
  5. De consument denkt niet in kanalen. Hij denkt in behoeftes. "Waar zal ik 'wat' en 'hoe' gaan kopen en waar en hoe ga ik het consumeren? Vragen die per uur anders beantwoord kunnen worden. Een formule mag in zijn ogen zowel retailer, horeca, speciaalzaak als bezorger (cateraar) zijn, hetgeen een omnichannel aanpak in de hand werkt.
  6. De waarde van vrije tijd en vriendencontacten groeit. Dat wordt vaker, zowel voor het genietmoment als voor het functioneel mul- titasken, gecombineerd met eten en drinken.
  7. Nieuwe foodconcepten hoeven nauwelijks reclame te maken. Consumenten vertellen elkaar wat/waar spannende eettentjes zijn.